U vindt ons ook op
U aangeboden door
Font Rv

Lang leve de kommaneuker

Ik zie ze wel hoor, die ogen die ten hemel worden geslagen. ‘Daar heb je haar weer.’ Klopt, daar ben ik weer: de kommaneuker. Aangenaam.

Mag ik er, nu we hier toch zijn, op wijzen dat ik weliswaar tot de minder populaire menssoorten behoor, maar desalniettemin belangrijk werk verricht? In alle bescheidenheid natuurlijk. Maar toch.

U kent vast de bekendste anekdote over het potentieel levensreddende werk van de kommaneuker. Die gaat over een telegram dat de gevangenis bereikt op het moment dat een terdoodveroordeelde dreigt te worden opgehangen.

‘Wacht niet, hangen’, leest de tekst.

‘Wacht, niet hangen’, had er moeten staan.

Foutje, bedankt.

In mijn werk – officieel heet ik eindredacteur – zie ik veel schrijvers worstelen met de komma.

Neem deze zin:

  • Zij vroeg mij nog eens langs te komen.

Wat staat daar nou eigenlijk? Het kan drie kanten op.

  • Zij vroeg mij, nog eens langs te komen.
  • Zij vroeg mij nog, eens langs te komen.
  • Zij vroeg mij nog eens, langs te komen.

In zo’n geval vraag ik de schrijver dus wat hij nou eigenlijk wil zeggen (en zie ik die ogen omhoogdraaien).

Dit gaat ook vaak verkeerd:

  • De journalisten, die de Nederlandse taal niet beheersen, worden ontslagen.
  • De journalisten die de Nederlandse taal niet beheersen, worden ontslagen.

In de eerste zin worden alle journalisten ontslagen, omdat ze geen van allen het vereiste niveau halen. In het tweede geval is sprake van een groep journalisten, van wie enkelen vanwege hun gebrek aan taalvaardigheid moeten opkrassen.

Wat zijn de regels?

Nou, da’s lastig, want die zijn er niet. Althans, officieel. Wél zijn er wat handigheidjes om ten minste de grootste rampen te voorkomen. Zelf gebruik ik deze vier.

  • Gebruik een komma tussen twee werkwoorden
    Als journalisten schrijven, hanteren ze een vast stramien.
  • Gebruik een komma voor een voegwoord
    De journalist mocht blijven, want hij had een neus voor nieuws.
  • Gebruik komma’s rond een tussenzin
    Alle journalisten, die op de perstribune zaten, luisterden naar de minister.
  • Gebruik komma’s in een opsomming
    Journalisten gebruiken een pen, een kladblok en een computer.

Ik hoor u zeggen: op al die handigheidjes gelden uitzonderingen. Klopt. Daarom nu (tromgeroffel) de ultieme tip voor twijfelkonten: lees je tekst hardop. Op de punten waar je ademhaalt, hoort meestal een komma te staan. En ja, dat kan dus óók voor ‘en’ zijn.

  • De journalisten foeterden constant op de fotograaf en de vormgever, en de kommaneuker sloeg zijn ogen ten hemel.

 

 

Deel dit op sociale media:
    1. Marian Poyck
      Marian Poyck17 juni 2016

      Het gebruik van het woord “tussenzin”, in het derde punt van de vier uitgangspunten voor je eigen kommagebruik, maakt je betoog niet helderder. De niet-ingevoerde lezer (want voor een in het kommagebruik goed ingevoerde lezer is dit allemaal gesneden koek) moet maar direct snappen dat je daarmee enkel de uitbreidende en niet de beperkende bijzin bedoelt. Anders ervaart hij wat je hier zegt namelijk weer als strijdig met wat je wilde aantonen met de twee journalistenzinnen.
      Ik zou dus bij voorkeur die termen “beperkende en uitbreidende bijzin” gebruiken. Via die termen zijn – voor wie vertrouwd wil raken met deze materie – nog veel meer goede voorbeelden te vinden op het internet.
      Voor je zinnetje “Ze vroeg mij nog eens langs te komen” heb ik een alternatief, waarin de komma óók nog na “Ze vroeg” kan worden geplaatst: Ze vroeg mij nog eens te bellen.

    2. Judy Elfferich
      Judy Elfferich20 juni 2016

      Ook punt 1 en 2 rammelen nogal.

      Punt 1: dit gaat op voor persoonsvormen (en andere niet-bij-elkaar-horende werkwoordsvormen), maar zeker niet voor alle opeenvolgende werkwoorden die je in een zin zou, kunnen, tegenkomen 🙂
      Punt 2: dit geldt niet voor alle voegwoorden.

      Punt 4: klopt wel, maar welke schrijver heeft hier problemen mee?

      Wel lastig voor veel schrijvers: komma bij aanhalingstekens, komma voor en na een bijstelling.

    Je kan reageren